De route naar Gex is vals plat; een mooie warming-up voor het echte werk. In Gex zelf lopen de wegen al zeer steil omhoog. Zelfs zo steil, dat ik nog voor de echte beklimming al buiten adem en met bonzend hart een kleine drinkpauze moest houden. Dat was niet echt handig dus, om al zo hard van start te gaan. Een beginnersfout, maar ja, daar ben je dan ook beginner voor.
Na een paar slokken water vervolgde ik mijn weg en probeerde een beetje in een lekker ritme te komen. Dat lukte na een tijdje redelijk, zodat ik na ongeveer een half uur met goede moed restaurant Florimont passeerde. Al fietsend genoot ik van het uitzicht op de alpen, met daarvoor het meer en in de verte Genève met de fontein. Ik dacht op dat moment dat ik wel eens zou kunnen slagen in mijn missie, maar die gedachte was twee bochten later al weer voorbij.
De weg na de Florimont bleek nog steiler dan daarvoor. (Althans, zo leek het, het kan natuurlijk ook de vermoeidheid zijn geweest.) In de auto had ik al eens de bochten geteld, ik had er nog 34 te gaan...
Hoewel ik tijdens de klim zeker twintig keer heb gekeken of ik niet nog een versnelling lager kon schakelen, bereikte ik uiteindelijk om kwart voor twaalf de top: 1323m. Top! Dat was een lekker gevoel. Even bijkomen op de parkeerplaats bij de skiliften en een droog shirt aantrekken voor de afdaling. (Ik had bij de tour ooit gehoord dat afdalen met een bezweet shirt erg koud is.)
Afdalen is een stuk makkelijker dan klimmen. En enger: met dichtgeknepen remmen en billen daalde ik in een minuut of vijftien weer af naar Gex en vanaf daar vervolgde ik de weg naar huis, waar ik iets na half een moe maar voldaan aankwam.
Ben benieuwd hoe de beklimming over een paar weken gaat, als ik over de racefiets van Carel kan beschikken. Dan kijken die wielrenners me in ieder geval hopelijk een stuk minder meewarig na...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten