Omdat Anne Marie een zussenweekend had met Jeanine in Parijs, waren we het afgelopen weekend met z’n drieën. Begrijpelijkerwijs was er mij alles aan gelegen dit weekend toch minimaal leuk te maken.
Vrijdagavond begon vrij gemakkelijk omdat ik slechts een broodje met ze hoefde te eten en ze vervolgens al direct in bed kon leggen. Dat was zelfs voor een man die elke zondag het vlees snijdt geen onoverkomelijke opgave.
De volgende morgen sprongen beide dametjes om zeven uur op mijn bed, wat natuurlijk erg leuk en schattig was, maar ook erg vroeg. Gelukkig mocht ik nog even van ze blijven liggen. Uiteindelijk stapte ik tegen half negen toch redelijk uitgeslapen de echtelijke, doch lege sponde uit.
Ik had bedacht deze zaterdagmorgen maar eens te beginnen met de gezellige markt van Ferney, maar dan alleen het koffie-met-krant gedeelte. Voor Eva en Sophie kocht ik een tijdschrift met een bijverpakt Happy Meal-achtig cadeautje, waarmee ze toch zeker een kwartier hebben gespeeld.
Op de terugweg naar de auto kochten we nog een kippetje van het spit. (Ik maakte het mezelf lekker makkelijk, want kip met frites is toch een algemeen bekend succesnummer bij kinderen.)
Na de lunch zijn we pasta gaan maken. Met de pastamachine, waar zowel Eva als Sophie als een orgelspeler op de Dappermarkt aan stonden te draaien.
Het resultaat bestond uit spaghetti (twee stoelen), tagliatelle (een halve eettafel) en anderhalf dozijn lasagnebladen.
’s Avonds badderen en vroeg naar bed, want papa wilde rugby kijken. Althans, papa wilde Die Hard 4 kijken, maar als Frankrijk een kwartfinale van een wereldkampioenschap speelt, dan is papa inburgeringstechnisch toch verplicht te kijken. Zelfs als het rugby is.
Bij 13-0 voor de “All Blacks” (de bijnaam van Nieuw Zeeland, ooit ontstaan toen een journalist dit team door de telefoon omschreef als “all backs”, doelend op hun postuur, maar wat de volgende dag in de krant verscheen als “all blacks”) kon ik zonder schuldgevoel gaan kijken naar de onsterfelijke Bruce Willis.
Uiteindelijk bleken Les Bleus toch te hebben gewonnen en vroeg ik mij af hoe die Fransen het toch telkens weer flikken. Waarom verliezen ze niet gewoon, zoals Nederland dat voetballend zo goed kan, na een mooie wedstrijd nipt van de grote favoriet? Al woon ik er inmiddels meer dan een jaar, ik hoop nog steeds bij elke wedstrijd in elke sport dat Frankrijk niet wint…
Zondagmorgen reden we naar Genève voor een volkomen onverantwoord ontbijt bij Starbucks. Warme chocolademelk met veel slagroom, muffins en koeken maakten mij binnnen no-time de liefste vader die er was.
Na deze glucose-explosie begaven we ons naar het Natuurhistorisch museum. Beetje gewaagde combinatie, maar het pakte zeer goed uit! De grote collectie opgezette dieren bleek een schot in de roos. De dierentuin was er niets bij (daar willen ze altijd het liefst naar de speeltuin) en met name Eva was nog geïnteresseerd in een stukje geschiedenis ook.
Toen ik haar vertelde dat er vroeger dinosaurussen leefden, vroeg zij of ik er toen ook al was. En toen ik uitlegde dat er lang geleden helemaal nog geen mensen waren, vroeg zij wie de eerste mens was. (Na enig nadenken concludeerde zij zelf dat het wel Sinterklaas moest zijn, want die moet aan alle andere mensen cadeautjes geven;)
De mooiste vraag bewaarde ze echter voor het laatst: “Papa, ben ik ook een aap geweest?”
Het was een mooi weekend en een super zondag!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten